Tuinvogels tellen

| In de klas
Tuinvogels tellen

‘Vogels tellen is net zo makkelijk als 1-2-3!’, claimen de organisatoren van de Nationale Tuinvogeltelling. Dit jaar kan er op 25, 26 en 27 januari weer volop geteld worden. Scholen, kinderboerderijen of NME-centra kunnen vóór het weekend van de Tuinvogeltelling alvast een half uur vogels op het schoolplein of in de schooltuin tellen. 

Pimpelmees en merel
Tot vorig jaar waren de huismussen, koolmezen en merels bijna vaste bezetters van de top drie van de tuinvogeltelling. Maar in 2018 is de pimpelmees de nieuwe binnenkomer van de top drie en staat de merel op de vijfde plaats. Ieder jaar levert de Tuinvogeltelling veel gegevens over de vogelstand in Nederland. Zo kan Vogelbescherming Nederland in de gaten houden met welke vogels het goed gaat en met welke slechter. Ook kunnen ze zo bepalen welke vogels extra aandacht nodig hebben. Zo is de spreeuw net als in 2016, ook in 2018 niet meer terug te vinden in de top tien en is de exotische halsbandparkiet nog steeds in opkomst. Opmerkelijk is dat de merel niet alleen uit de top drie verdwenen is, ook is er een daling in het aantal merels dat in tuinen werd waargenomen. Daarmee is de koolmees de vogel die afgelopen jaar in de meeste tuinen werd gezien. 

Lesmateriaal
Dit jaar is er lesmateriaal te vinden van de Nationale Tuinvogeltelling. Verschillende onderwerpen rondom vogels komen aan bod, zoals hun uiterlijk, gedrag en zang. Er zitten werkbladen bij die voor de telling gemaakt kunnen worden en die helpen bij het herkennen van de vogels. Ook is er een telformulier te vinden met daarop de 15 meest voorkomende tuinvogels. Bij het materiaal staat informatie over hoe je zelf vogelvoer, een voederplank of nestkastje kan maken. Daarnaast staan er tips om het schoolplein vogelvriendelijk te maken of het klaslokaal om te toveren tot schuilhut. Een schuilhut maakt het makkelijker om vogels te tellen, omdat je zelf niet zichtbaar bent voor de vogels. Het materiaal is bedoeld om scholieren bewust te maken van de levensstijl van vogels en waar hun voedsel vandaan komt.


De teldagen moeten natuurlijk ook duidelijk maken dat het leuk is om vogels en vogelgedrag te bestuderen. Hoewel de kans klein is dat je in de tuin of op het schoolplein helemaal geen vogels ziet, mag je geen vogels doorgeven als je die niet in het half uur echt gezien hebt. Het is niet voor niks een Nationale Tuinvogeltelling. 


Doe ook mee aan de Nationale Vogeltelling op 25, 26 en 27 januari. 
Bekijk hier de resultaten van de Tuinvogeltelling.

 

foto Judith Michielsen door
Judith Michielsen